The quick brown fox jumps over the lazy dog

overheidsjuristen

12 juli 2013

Aan het woord: promovendus Ramona Grimbergen


Ramona Grimbergenis werkzaam bij de algemene kamer van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State en promoveert naast haar werk. Ze heeft een promotieplaats toegewezen gekregen in het kader van de binnen het programma 'Versterking juridische functie Rijk' door de secretaris generaal Vernieuwing Rijksdienst gesubsidieerde faciliteiten. Zij vertelt waar haar onderzoek over gaat en wat haar ervaringen tot nu toe zijn.

 Waar gaat jouw promotieonderzoek over en waarom heb je voor dit onderwerp gekozen?

Mijn promotieonderwerp is Unierechtelijk van aard, namelijk de prejudiciële procedure. Die unieke procedure biedt de nationale rechter de mogelijkheid om in een bij hem aanhangig geschil het Hof van Justitie van de Europese Unie vragen te stellen over de geldigheid en interpretatie van het Unierecht. Ze beoogt de eenheid van het Unierecht te waarborgen en een doeltreffende samenwerking tussen het Hof en de nationale rechters te verwezenlijken.

Een knelpunt bij die procedure is de lengte (ruim 16 maanden), terwijl ze slechts een procesincident in het nationale geschil vormt. Gegeven dat knelpunt probeer ik een verwijzingsstrategie te formuleren, waarmee de nationale rechter zo effectief en zo efficiënt mogelijk kan verwijzen. Daarbij onderzoek ik:

  • de door het Hof geformuleerde ontvankelijkheidscriteria van vragen
  • de wijze waarop het Hof omgaat met de door hem geformuleerde uitzonderingen op de verwijzingsplicht van de nationale rechters in laatste aanleg (de CILFIT-criteria)
  • of die uitzonderingen anders geformuleerd zouden moeten worden.

Waarom heb je ervoor gekozen om te promoveren?

Dat ik promoveer, berust eigenlijk op toeval. Het leek me altijd leuk om naast de praktijk van mijn dagelijkse werk ook wetenschappelijk bezig te zijn, maar ik heb nooit daadwerkelijk actie ondernomen om te promoveren. Ik had het onderwerp wel eens bij een collega laten vallen die ook interesse in het promoveren had. Toevallig kreeg die collega een advertentie van de Academie voor Wetgeving onder ogen en zo is het balletje gaan rollen.

Hoe ervaar je het schrijven aan je proefschrift tot nu toe? Merk je dat je profijt hebt van het schrijven aan je proefschrift in je werk?

Het promoveren naast mijn dagelijkse werk, ervaar ik als een ideale combinatie. Je staat met één been in de rechtspraktijk en met één been in de wetenschap. Tijdens mijn werk krijg ik regelmatig prejudiciële vragen. Dat heeft als voordeel dat ik inzicht verkrijg in de overwegingen van een rechter in laatste aanleg om prejudiciële vragen te stellen en er bestaan vanuit de Afdeling contacten met andere hogerberoepsinstanties, ook van andere lidstaten. Met andere woorden, ik heb een uniek kijkje in de keuken van de verwijzingspraktijk. Die informatie is erg nuttig bij het schrijven van mijn proefschrift. Ik hoop dat mijn proefschrift ook nuttig zal zijn voor die praktijk en handvatten zal bieden aan de verwijzende rechter. Verder betekent promoveren een verrijking van kennis en vaardigheden, die ik ook kan inzetten bij mijn dagelijkse werk.

Het schrijven van een proefschrift naast mijn dagelijkse werk ervaar ik wel als pittig. Ik ben twee dagen per week vrijgesteld om te promoveren en die dagen werk ik thuis. Dat betekent wel even schakelen, omdat je het dagelijkse werk achter je moet laten en je je in die twee dagen in alle rust moet concentreren op het proefschrift. Daar moest ik even aan wennen, maar ik heb inmiddels een balans gevonden.

Heb je genoeg aan de twee dagen per week die de promotieplaats behelst?

Twee dagen in de week om aan een proefschrift te schrijven is overigens niet veel. In die dagen moet je literatuur verzamelen, veel lezen en schrijven. Ook heb ik regelmatig afspraken met mijn promotor, Rob Widdershoven van de Universiteit Utrecht. Die afspraken geven de 'boost' die je af en toe nodig hebt, want promoveren is een 'eenzaam' vak.

Daarnaast organiseert de Academie onderzoeksgroepen, die ik altijd probeer bij te wonen. De bedoeling van die onderzoeksgroepen is om bij toerbeurt eens vrij over je onderwerp te discussiëren. Die discussies geven inspiratie en nieuwe invalshoeken. Bovendien leer je nieuwe mensen kennen met verschillende achtergronden. Kortom: een hoop (leuke) activiteiten in twee dagen en dat betekent een goeie planning en af en toe een weekend doorwerken.

Kun je het mensen aanraden om te publiceren naast je werk? Zo ja, heb je tips?

Dat promoveren naast je werk een hele kluif is, had ik mij overigens wel gerealiseerd en ik zou niet anders willen. Ik heb een unieke kans gekregen om wetenschap te combineren met praktijk. Ik raad mensen dan ook zeker aan om te promoveren naast het werk. Als tips zou ik mee willen geven, maak een goeie planning en zorg voor 'rust en ruimte' bij het schrijven van je proefschrift.